Infuus prikken: waar op letten? | CareUp

Een infuus prikken

Infuus prikken

Een infuus inbrengen mag alleen door een bevoegde én bekwaamde arts of verpleegkundige uitgevoerd worden. Het is een voorbehouden handeling die niet dagelijks door iedereen gedaan wordt. Maar het is wel belangrijk om te zorgen dat jij hier als zorgprofessional te allen tijde bekwaam in bent. De twee meest voorkomende infusen zijn:

  • Subcutaan infuus
  • Perifeer infuus

Daarnaast bestaat er ook nog het centraal infuus, ook wel de centrale lijngenoemd. Dit infuus wordt aangebracht onder het sleutelbeen in de hals of in de lies. Enkel een specialist mag dit infuus prikken.

Een subcutaan infuus is een infuus waarbij de vloeistof in het onderhuids bindweefsel wordt ingebracht. Bij een perifeer infuus, ook wel intraveneus infuus genoemd, wordt de vloeistof in het bloed ingebracht.

Meer weten over hoe je een infuus moet prikken en waar je op moet letten? Lees de tips hieronder! Ook de praktijk oefenen? Doe de 3D simulatie cursus van CareUp:

Perifeer infuus

Een infuus in de onderarm of handrug wordt een perifeer infuus genoemd. Is iemand moeilijk te prikken, dan wordt er soms gekozen voor de elleboog omdat hier het bloedvat groter is.

Via het perifeer infuus kan vocht of medicatie toegediend worden, welke rechtstreeks in het bloed komt. Soms wordt ook een narcose, bloedtransfusie of een chemotherapie via een infuus gegeven.

Inbrengen perifeer infuus

Op welke plek het infuus ingebracht wordt, is afhankelijk van verschillende factoren. Moet een infuus langdurig blijven zitten, dan wordt vaak voor de hand gekozen in plaats van de elleboog. Daarnaast dien je ook te kijken naar waar de bloedvaten lopen. Als een bloedvat diep in de elleboog ligt, kan het moeilijk zijn om een infuus daar aan te prikken.

Subcutaan infuus

Bij een subcutaan infuus wordt medicatie en/of vocht via een subcutane canule of naald in het onderhuidse bindweefsel toegediend. Vanuit het onderhuidse bindweefsel wordt het opgenomen in het bloed en zo verder verspreid door het lichaam. Een bekend medicijn die via een subcutane infusie toegediend wordt is morfine.

Inbrengen subcutane infusie

Bij een subcutaan infuus wordt de subcutane infuuscanule of naald vaak in het onderhuidse bindweefstel van het bovenbeen geplaatst. De meest gangbare plek is de voor- of zijkant. Als alternatief kan er ook gekozen worden voor de buik, let er dan wel op dat je minimaal op 2 cm afstand van de navel zit. Of voor de bovenarm (de voor-, zij- of achterkant).

Subcutaan infuus inbrengen

Het inbrengen van een subcutane infuuscanule is een voorbehouden handeling die enkel door een bevoegde en bekwame arts of verpleegkundige uitgevoerd mag worden. Vilans Kick heeft een protocol opgesteld voor deze handeling. Globaal zien de stappen die je moet nemen er als volgt uit:

  1. Zoek een geschikte plek om te prikken en desinfecteer de huid.
  2. Breng de canule of naald in een hoek van 30˚tot 45˚ in het onderhuidse bindweefsel.
  3. Vervolgens zijn er twee mogelijkheden voor de toedieningswijze, afhankelijk of er gebruik gemaakt wordt van een kunststof canule of van een vleugelnaald.
  1. Vleugelnaald: ontlucht het vleugelnaaldje met verlengslang voor inbrengen met het toe te dienen medicijn.

Kunststof canule: deze hoeft niet ontlucht te worden voor gebruik.

  1. Spoel na het toedienen van de medicatie door met spoelvloeistof zodat de cliënt alle medicatie toegediend krijgt.

Zelf de hele handeling een keer oefenen? Dat kan met de 3D simulatie cursus van CareUp. Oefen nu hoe je een Saf-T-Intima subcutane infuuscanule moet inbrengen, zodat jij bekwaam bent in deze voorbehouden handeling!

Verschil subcutaan & perifeer infuus

Het grootste verschil tussen een subcutaan infuus en een perifeer infuus is de locatie waar de vloeistof of de medicatie toegediend wordt. Bij een subcutaan infuus is dit in het onderhuidse bindweefsel en bij het perifeer infuus is dit rechtstreeks in de bloedbaan.

Een ander verschil is de locatie waar het infuus aangebracht wordt. Bij een perifeer infuus is dit veelal in de arm of hand. Een subcutaan infuus wordt vaak in het bovenbeen gedaan. Al wordt er soms ook gekozen voor bijvoorbeeld de buik of de bovenarm.

Een voordeel van een subcutaan infuus is dat de canule of naald meerdere dagen kan blijven zitten. Dit is vooral fijn voor de cliënt, omdat hij/zij dan minder vaak geprikt hoeft te worden.

Hoe werkt een infuus

Een infuus zorgt voor het toedienen van vloeistof in een bloedvat of in het onderhuidse bindweefsel. De infuusvloeistof zit in een infuuszak. Vanuit hier loopt de vloeistof via een infuusslang door de infuuscanule de ader of het onderhuidse bindweefsel in. Via een infuus kan ook medicatie en bloed (alleen via een perifeer infuus) toegediend worden aan een cliënt.

Wat heb je nodig bij een infuus prikken?

Ten eerste is het belangrijk om altijd de tijd te nemen om een infuus te prikken. Het is namelijk zowel voor jezelf als voor de cliënt vervelend als je gehaast te werk gaat. Ten tweede is een goede voorbereiding belangrijk. De volgende materialen heb je nodig voor het prikken van een infuus:

  • Desinfectiemiddel: voor het reinigen van je handen die de huid van de cliënt.
  • Absorberend matje of onderlegger: om te voorkomen dat de ondergrond vies wordt.
  • Stuwband: voor het afknellen van het bloedvat voor het prikken.
  • Gaasjes: voor het schoonmaken van het aanprikgebied.
  • Transparante infuuspleister: voor het afplakken van de infuuscanule na inbrengen.
  • Hypoallergene pleister: om de infuusslang aan de huid te bevestigen.
  • Infuuscanule: een canule met een holle naald erin. Het bloed stroomt via de holle naald de canule in. Nadat het bloedvat goed aangeprikt is, wordt de holle naald teruggetrokken.
  • Infuusstandaard: voor het ophangen van de infuuszak.
  • Infuuspomp: om de infuusvloeistof op de juiste snelheid te laten lopen.
  • Infuusvloeistof: met eventueel benodigde medicatie hierin opgelost.
  • Infuusslang: om de infuusvloeistof vanaf de zak naar de infuuscanule te laten lopen.

Zelf eens oefenen hoe je een infuus moet prikken en wanneer je welke materialen nodig hebt? Oefen de praktijk met de 3D simulatie cursus infuus prikken van CareUp. Je kunt deze voorbehouden handeling zo vaak oefenen als je wilt. Heb jij de handeling in de vingers? Doe dan de toets en haal accreditatiepunten! Noodzakelijk voor je bevoegdheid en met het halen van de toets kun je tevens jouw bekwaamheid aantonen!

Tips voor infuus prikken

Meestal gaat het inbrengen van een infuus zonder problemen, maar soms kan het prikken van een infuus pijnlijk zijn voor de cliënt. Eventueel kun je daarom van tevoren verdovende zalf op de huid smeren. Daarnaast zijn er nog een viertal factoren waar je rekening mee dient te houden wanneer je een infuus gaat inbrengen: 

  1. Vraag de cliënt van tevoren ringen, armbanden en horloge af te doen. Deze kunnen stuwingen veroorzaken.
  2. Stuw niet te lang, dat geeft een onaangenaam gevoel in de arm.
  3. Doe de stuwband niet te strak, de pols moet voelbaar blijven.
  4. Als het gebied waar je de infuusnaald wilt inbrengen erg behaard is, verwijder de overmatige haargroei dan. Doe dit met een schaar of tondeuse, omdat een scheermesje voor kleine wondjes kan zorgen die kunnen gaan ontsteken.

Complicaties infuus prikken

De meeste kans op complicaties ontstaan bij het prikken van een perifeer infuus. Maar ook bij het prikken van een subcutaan infuus kunnen complicaties ontstaan.

Complicaties perifeer infuus prikken

Bij het prikken van een infuus kunnen complicaties ontstaan, zoals een infectie via de infuuscanule. Dan komt er een bacterie of virus in de bloedbaan terecht of in het weefsel om het aanprikgebied heen. Je kunt dit voorkomen door hygiënisch te werken.

Een andere complicatie die kan ontstaan is flebitis. Dit is een ontsteking van de ader. Dit kan ontstaan door irritatie van de naald of de toegediende vloeistof.    

Ook kan de infuusvloeistof naast het bloedvat lopen, onder de huid. Dit gebeurt wanneer de infuuscanule niet meer goed in het bloedvat ligt. Als dit gebeurt dien je direct het infuus stil te zetten en de klachten van de cliënt te beoordelen. Als het infuus medicatie bevat, overleg dan sowieso met een arts!

Complicaties subcutaan infuus inbrengen

Belangrijk is om de locatie van het infuus dagelijks te controleren op eventuele complicaties. De meest bekende complicaties van het inbrengen van een subcutaan infuus zijn roodheid van de huid, pijn, oedeem of harde plekken in de huid. De oorzaak hiervan kan een ontsteking zijn of een verkeerd geplaatste infuuscanule. Ook kan de infuuscanule afgeknikt worden of kan er een te hoge concentratie toegediend zijn (komt zelden voor).

Vaak is het verwijderen en opnieuw plaatsen van de infuuscanule in deze gevallen voldoende. Vermoed je dat de oorzaak van een complicatie een te hoge concentratie medicatie is? Overleg dan altijd met een arts.

Meer weten over het plaatsen van een subcutane infuuscanule? Doe de 3D simulatie cursus van CareUp. Zo oefen je zowel de theorie als de praktijk van deze handeling. Overtuigd van je bekwaamheid? Doe dan de toets en haal direct accreditatiepunten!

Infuus berekenen

Een infuus instellen is niet zo makkelijk. Je moet namelijk precies weten wat de doorloopsnelheid van een infuus is, zodat de cliënt de juiste hoeveelheid toegediend krijgt. Een infuus dat te snel of te langzaam loopt kan schadelijke gevolgen hebben voor de cliënt. Weet jij hoe je de doorloopsnelheid van een infuus berekent?

Bij een druppel gestuurd infuus telt een elektrisch apparaat het aantal druppels dat het infuus per minuut verlaat. Het apparaat stelt automatisch de doorloopsnelheid in. Maar je kunt deze snelheid ook met de hand instellen. Je moet dan zelf tellen hoeveel druppels er per minuut door het infuus lopen en dit moet je vervolgens omrekenen naar mL. Hierbij geldt:

  • Bij vloeistof (geen bloed): 1 mL = 20 druppels
  • Bij bloed: 1 mL = 18 druppels

Bij een volume gestuurd infuus moet je het aantal mL per uur instellen. Rond hierbij altijd naar beneden af. Je deelt het totaal aantal mL infuus dat moet worden toegediend door het aantal uren waarover dit verspreid moet worden. Dit is de snelheid in mL per uur.

Een rekenvoorbeeld voor een druppel gestuurd infuus

In vijf uur tijd moet er 250 mL glucoseoplossing 5% toegediend worden. Dit moet je eerst omrekenen naar het totaal aantal druppels.

250 mL = 250 x 20 druppels = 5000 druppels

Er moeten dus 5000 druppels in 5 uur toegediend worden. Dat betekent dus 1000 druppels per uur. Dit moet je doorrekenen naar minuten en dus moet je dit getal delen door 60 (er zitten immers 60 minuten in 1 uur). Je komt dan uit op 16,67 druppels per minuut.

Zoals aangegeven moet je naar beneden afronden en kom je dus uit op 16 druppels per minuut.

Een rekenvoorbeeld voor een volume gestuurd infuus

Stel dat er in 24 uur 2000 mL infuus moet worden toegediend. Om het infuus per uur te berekenen, moet je dus 2000 mL delen door 24 uur. Je komt dan uit op 83,33 mL/uur. Zoals eerder aangegeven moet je naar beneden afronden. Je moet dan dus 83 mL per uur instellen.

Gerelateerde cursussen

Benieuwd wat CareUp voor jou kan betekenen?

Wij gaan graag in gesprek om te kijken wat CareUp voor jou of jouw zorginstelling/school kan betekenen. 

Cursus toegevoegd aan winkelmandje::